EXAMEN 7 april 2021

7. apr, 2021

Klotsende oksels, gedonder in de darmen. Dat zijn tekenen van zenuwen.

Op je 60e nog examen doen, wie had dat ooit gedacht. Het gekke is dat ik het nog leuk vindt ook, alleen die zenuwen moet ik onder controle zien te houden en gewoon de dingen doen die ik normaal ook doe op de molen. De afgelopen weken heb ik keihard gewerkt om de 3 dikke studie, theorie boeken in mijn hoofd te krijgen. Met hulp van Leo en alle aanwijzingen en filmpjes van Kees Vanger zou je zeggen dat het moet lukken. Met Leo ben ik kruipend door de molen gegaan in Zuidlaren. Ieder onderdeel en ieder detail hebben we besproken. Ook is Leo 2 maanden lang iedere week bij mij thuis geweest (op 1,5) en samen met mijn eigen lieverd nog eens de leerstof doorgenomen. Vanaf 2019 heb ik lessen gevolgd bij Henk Wilms op de molen in Gieten en vanaf het moment dat ik wist dat ik in Sleen het examen mocht gaan afleggen, heb ik van Klaas Renting les gehad. Iedere week tufte ik in mijn autootje naar Sleen. Het is een hele mooie molen wat eerst een hollandse molen is geweest. En wat nou het mooie is, dat in alle molens waar ik nu heb gelesd of ben geweest, dat Diek Medendorp daar heeft gerestaureerd. Ik zie iedere keer zin initialen op de balken. Ik voel mij dan blij en trots dat mij de kans wordt gegeven om deze opleiding te mogen volgen. Ik vind het leuk en ik voel mij heel erg fijn op een molen. Het is een cultureel erfgoed en het zijn prachtige momnumenten en die moeten behouden blijven. Als ik daar een steentje aan bij kan dragen dan doe ik dat graag.

Mijn motto is: wees lief voor elkaar en doe wat je leuk vindt! Trek je van een ander niks aan. 

Liefs Alie

 

6. apr, 2021

De Hoop in Sleen.

10. feb, 2021

-10

Het is buiten min tien. Het is bijna niet voor te stellen, maar het is echt waar. De russische beer is wakker, hij is onze kant op gelopen, wat zeg ik: gedenderd. Als nou de virusdeeltjes van de corona dood zouden gaan door de vorst. Dat zou een uitkomst zijn. Het tegenover gestelde is waar. Het wordt alleen maar erger. Gisteren was het in het nieuws dat kapper Piening in zijn onderbroek voor zijn kapsalon op een bank zat. Hij wilde laten zien dat er geen geld meer is en dat de kappers zijn uitgekleed door de regering, ze vallen naast de boot wat de financiele hulp betreft. Hij kondigde al aan dat hij het van plan was om in z'n onderbroek voor de kapsalon te gaan zitten en het ook daadwerkelijk doen vind ik toppunt. Ik begrijp heel goed hoe de mensen zich voelen, want als er één zich goed aan de regels kan houden dan zijn dat de kappers wel. Dat hebben ze laten zien. Iedere kapsalon hebben goede voorbereidingen getroffen om zo goed mogelijk contactloos de mensen te kunnen behandelen. Wat je nu begint te zien is wel grappig, dat er zoveel mensen met dikke pruiken op de kop lopen. Dikke bossen haar. Alleen zo hier en daar zie je een geknipte kop. Die hebben een kapper in de familie of er wordt gebeunhaast. Dat is een raar woord "gebeunhaast" 

Gisteren ben ik gaan wandelen met mijn blote voeten op de sneeuw. En daar komt de titel van dit verhaal ook vandaan. IE LIEKT WAL NIET GOED WIES< MET JE BLOTE VOETEN OP HET IES 'SNEI' Het was ook inderdaad wel koud, en mijn voete voelden aan als klompen ijs en ik dacht wat ben je toch aan het doen straks houd ik er nog iets aan over. Toen ik de voeten in mijn schoenen stak waren ze gevoelloos. Ik heb de schoenen weer aan gedaan en ben oefeningen gaan doen. Ik heb bukoefeningen gedaan waarbij je een poosje in gebukte houding zit. De spanning voel je dan op je enkels. Daarna ben ik gaan lopen en gaan springen en voor ik het wist kreeg ik weer gevoel in de voeten. Ik dacht op dat moment aan de klompenijsvoeten die gevoelloos bij de kachel zaten, wat over ging in vreselijke pijnlijke voeten. Dat wel echt verschrikkelijk en het kan dan ook zo zijn dat je tenen echt bevriezen. Mijn voeten zijn nog nooit zo warm geweest en in huis had ik het ook heel erg warm. Dus ik doe het nog wel een keer. 

In deze bizarre koude dagen moet ik heel vaak terug denken aan vroeger. Ik denk vaak aan de kou op de slaapkamer. Aan de ijspegels boven aan je deken, de bloemen op de ramen wat heel erg mooie beelden waren en kunstzinnige taferelen opleverde. Vroeger dacht je er dan niet over na om een fototoestel te pakken en nu maken we overal foto's van. Sneeuwballen gooien en sneeuwpoppen maken en met z'n allen op het ijs. Als er dan schaatswedstrijden waren op de televisie, dan hadden wij de schaatsbaan voor ons alleen. Dan konden we prima schaatsen. De schaatsen werden zo lekker strak vastgebonden, dat we de hele miaddag konden blijven doorschaatsen en koud worden, daar hadden we geen last van. Die muziek die er gedraaid werd, daar gaan mijn gedachten ook vaak naartoe. Het was gezellig en iedereen was in een goed humeur. Ik zou wel weer willen schaatsen, maar ik heb geen schaatsen meer. Ook ben ik bang om te vallen, plus dat de voeten altijd zo'n pijn doen op noren. Ach misschien moet je het gewoon doen en denken aan het samen schaatsen van vroeger, aan de tijd dat het zo gezellig was. MAAR DIE GROTE BEER STAAT OP DE LOER. Ach wat kan er gebeuren? Als iedereen zich aan de regels houdt. Dat is het juist. Als het gezellig gaat worden, dan vergeet je de afstand. Niemand wil afstand. Het is al te gek voor woorden om afstand te houden. De mensen hebben juist warmte, liefde en een arm om de schouder nodig. Ik denk, als je de mensen in een verzorgingshuis meer zou masseren, knuffelen en een stevige arm om de schouder zou geven, dat ze zich minder eenzaam zouden gaan voelen en hier door gaat een stofje in de hersenen het werk doen, die beter zorgt voor het immuunsysteem. Iedereen heeft liefde nodig. Een lief woordje, een goed gesprek en lichamelijk contact is daarbij belangrijk.

Het is nu bijna een jaar geleden dat we in Lockdown gingen. Nou, ik moet je zeggen dat ik de muren van het huis waar we nu in wonen, wel heb gezien en dat ik en ik denk meerdere mensen met mij, het wel zat zijn om binnen te zitten. 's Avond na negen uur niet meer buiten en voor je het weet is het alweer negen uur. Ach we gaan niet klagen, want ik vind het voor mijn moeder helemaal zielig. Een vrouwtje van achte en tachtig die nog op deze leeftijd corona krijgt. Gelukkig is ze heel dapper en kijkt ze veel sport op de televisie, maar al bijna drie weken op een kamer in haar apartement. Eerst was ze heel erg ziek, maar het gaat de goede kant op. Ze is zo vreselijk moe zegt ze. Gelukkig heeft ze uitzicht op het park, maar om elke minuut voor het raam te gaan staan, dat doet ze ook niet. Met haar borstkanker gaat het goed. Dat blijft rustig. De afspraken voor het ziekenhuis zijn al meerdere keren verzet. Nouja zolang ze corona heeft kan ze niet naar het ziekenhuis. Ze moeten het protocol van de twee artsen volgen. Op facebook en op het nieuws van TV Drenthe was het te zien dat deze twee dokters de mensen een medicijn gaven en dat medicijn wordt ook gebruikt door het ziekenhuis, alleen deze twee artsen schrijven het in een vroeg stadium aan de mensen voor die corona hebben. Het blijkt te helpen. Dus dan denk ik, voer het landelijk door. Dan hebben we straks meer vrijheid.

Elke dag duik ik in de theorie van de molenaarsopleiding. Ik heb begeleiding van een hele aardige man, een molenaar. Hij helpt mij, door vragen te sturen en ik stuur de antwoorden terug. Gisteren heb ik bijna de hele dag, op na shinrin-yoku na, gestudeerd. Dat klinkt best goed, al vind zeg ik het zelf. Als ik dit niet zou doen dan haal ik het niet. De studie is heel erg uitgebreid, het weer plus de kennis van de molen. Het zijn twee dikke boeken en ik heb er nog een boek bij gekocht. Meteorologie oceanografie voor de zeevaart. Dit is een fantasisch boek, waar ik veel antwoorden in kan vinden. En net op het moment dat je het weer begint te snappen, dan is het totaal anders. Ik moet het hele hoofdstuk nog eens goed doornemen. Ik heb tijd genoeg. We gaan stug door. En ook hier zou mijn vader gezegd hebben: IE LIEKT WAL NIET GOED WIES!

Nou dat ben ik ook niet. Op je zestigste nog aan de studie. Ach het houd je scherp en ik vind het leuk om te doen, plus dat ik blij ben dat ik hier mijn aandacht op kan vestigen. Naast muziek, yoga en goede gesprekken met mijn Theo, die vaak boven op zijn kantoor aan het werk is. Dan hoor ik hem vergaderen, en dan gaan bij mij de oortjes in met mantramuziek. Het Atelier begint mooi te worden, maar daar is het te koud om daar verder aan te werken. Ik begin er steeds meer zin in te krijgen om in zo'n mooie ruimte aan de wensen te kunnen voldoen, om mooie bloemstukken te maken. Dan is mijn boek, manuscript nog onderweg, die wordt op dit moment geredigeerd en hopelijk is het in mei af, daarna is er voor mij volop werk om het te herschrijven en dan ligt het hopelijk eind november in de winkel. Ach daar heb ik geen haast mee, dat loopt niet weg. Het is wel een onderwerp wat veel mensen zal aanspreken. Je zelf mogen zijn en doen wat je hart je ingeeft.

Nu is het tijd om te gaan ontbijten, na een anderhalf uur te hebben geschreven. Deze woorden, dit verhaal spookte door mijn hoofd en ik dacht, het wordt weer eens tijd om een blogje te schrijven. Lieve mensen allemaal een hele mooie tijd gewenst op het IES of gewoon THUUS. Of op het werk. Val niet en houdt de botten heel. Tot een aandermoal!

Oja, ik vergeet nog één ding. In april mag ik Examen doen voor de molenaarsopleiding.

Liefs Alie. 

 

4. jan, 2021

Als je met een groep op reis gaat dan stel je je eerst even voor. Wel zo netjes. Daar heeft iedereen vandaag de tijd voor en dan gaan we. Met een beetje een weeïg gevoel in m'n buik, wat je altijd voelt als je op reis gaat, heb ik gekozen om te voet te gaan en dan verder met de trein. Ik ga zonder een eindbestemming. Heerlijk genieten van de omgeving en van alles en iedereen die ik tegen kom. Gesprekken voeren met verschillende mensen. Wel jammer dat de cafés dicht zijn. Dus, heb ik in een thermoskan mee waar ik heet water in heb gedaan. Daar houd ik het wel een dag mee uit om soep, thee of oplos koffie te maken. Natuurlijk heb ik een klein brandertje in mijn rugzak om iets op te warmen. Hoe het zal verlopen vertel ik jullie nog. Weten jullie nog dat ik vorig jaar naar Denemarken ging en dat ik daar mijn 'zus' ontmoette? Met dat verhaal ben ik verder gegaan en dat houden jullie nog tegoed.

Groetjes Alie

Mijn reis wordt bijgesteld. Wat wil nou het toeval. Ik kreeg precies net een berichtje van Juan uit Colombia. Ik ben weer naar huis gewandeld, het was trouwens ook stervens koud. Ik ga mijn koffer pakken van de zolder. Achter de schuifluiken staan een paar groene koffers. Ik trek de grootste er tussenweg. De dekbedden die erin zitten schuif ik in een grote plastic zak. Dat is een zak waar ik de lucht kan uittrekken. Ha, ha facuüm heet dat. De spanning voel ik in mijn lijf. Ik ben gelijk gaan bellen met de vliegmaatschappij en heb twee tickets kunnen bemachtigen. Mijn gedachten gingen meteen naar de coronatest. Die heb ik vorige week laten doen, maar het zal nog wel een keer moeten. Dat moet ik afwachten en anders heb ik gewoon pech. Ach die jongen zal nu ongeveer dertig jaar zijn. Dat is al een hele vent, wat zeg ik een kerel. Als klein ventje hebben wij hem geadopteerd via unicef, maar later hebben we het terug moeten draaien, doordat wij zelf in geldnood zaten konden we het geld niet missen. Er werden regelmatig foto's verstuurd en wij stuurden foto's van ons gezin naar Colombia. O god, wat moet ik in de koffer doen. De kleren passen niet meer. Ik ben inmiddels tien kilo dikker. Veel te veel gesnoept. Wat weer een voordeel is als je iets voller wordt, dat de rimpels monder zichtbaar zijn. Maar die gigantische buik die zit mij enorm in de weg. Oké, ik moet meer bewegen. Dat is een ding, want als ik mijn molenaarsdiploma wil halen, dan zal ik wel wat soepeler moeten worden en meer uithoudingsvermogen hebben als nu. Ik trek mijn kast open. Toen wij in dit huis kwamen wonen zagen we meteen de mooie kledingkast en daar ben ik nog steeds heel erg tevreden mee. In het oude huis hadden we last van muizen en dat hebben we hier ook niet. De kleren zijn allemaal schoon en gewassen, dus ik ga eerst maar even passen wat nog kan en wat weg kan. Mopperend gooi ik een aantal t-shirts aan de kant die allemaal te strak zitten. De berg van wat weg kan blijft groeien. Oude kleren van maat tweeën veertig en vierenveertig heb ik naar de kledingcontainer gedaan. In de hoop nooit meer te groeien. Jarenlang bleef mijn gewicht op twee en zestig kilo, maar dat is nu twee en zeventig. De luchtige dunne broeken had ik nog bewaard. Ik schiet in één van de broeken. Hè, hè gelukkig die past. Ik pak een blouse die erbij past en trek hem aan. O, jeetje, de vetrillen zie je er doorheen. Wat is het uitzoeken van de juiste kleding toch een ramp, terwijl ik er gewoon geen problemen mee heb. En op de molen al helemaal niet, dan trek ik een overal aan en klaar. Soms thermo ondergoed tegen de kou, want het wil wel waaien in de wieken. Ook met deze kou moet je de wieken in. Als ik optijd weer terug ben dan heb ik nog genoeg tijd om extra te oefenen voor het examen. Oké ik heb genoeg kleren bij elkaar kunnen vinden en pak een paar sneakers en de zandalen. Waar zijn die. Ik loop weer de trap op en kijk weer achter het schot, waar nog een andere koffer staat met oude schoenen. Ik trek hem naar voren en strompel over een losliggend snoer. Ik voel dat ik hard tercht kom op de vloer. Ik hoor iemand roepen van beneden: 'gaat het wel? Wat gebeurde er? En wat ga je trouwens doen met die koffers?' 

'Ik heb besloten dat ik morgen op reis ga. Ik heb een bericht gekregen van Juan. Ik heb de tickets al besteld en kan morgen vliegen nadat ik getest ben', ik wacht zijn reactie af.

'Wij zouden alles toch samen doen. En nu beslis je in je ééntje dat je morgen gaat vliegen? Er gaat niet eens een vliegtuig.'

'Sorry', zeg ik, 'dat was een beetje onhandig van mij.'Ik voel aan mijn achterhoofd en voel nattigheid. 'Potverdikkie, ik ben harder gevallen dan dat ik dacht'

Er wordt mij een handdoek toegeworpen. Het valt gelukkig mee. Ik lig met mijn achterhoofd in een plas wat van het wasrek afgedrupt is. De overals had ik nat opgehangen en daar had ik niet aan gedacht. Ik dacht dat ik een gat in mijn hoofd zou hebben. Ik voel dat er wel een bult komt, het lijkt wel een ei. Ik voel me toch een klein beetje dissie. Nou ja, we zien wel of het morgen over is. 'Ik was op zoek naar mijn sandalen', is mijn antwoord. Ik wordt vol ongeloof aangekeken. 

'Je weet niet eens hoe je moet reizen naar Colombia'

'Ik ontving het bericht van mevrouw van der Berg, zij was met de kerst weer terug in Nederland. Zij is er al eens geweest in Colombia. Juan heeft eerst contact gezocht met mevrouw van der Berg.'

word vervolgt

3. jan, 2021

Op reis. Bestemming is onbekend. We zullen wel zien wat we zullen aantreffen. Het liefst ga ik op de bonnenvooi. Gewoon rugzak op en gaan met die banaan. Wat neem ik mee? In ieder geval pen en papier. Of mijn laptop, maar dat is een beetje zwaar op de rug. Een kleiner formaatje zou wel handig zijn. Ik werk het liefst meteen goed en dan kan ik het opslaan op een stick, om het geheel niet ook nog eens te moeten uitwerken als het in mijn schrift geschreven staat. Wat een voordeel van een schrift is, dat je losse verfrissende ideën kunt noteren. Dus er gaat altijd wel een schrift mee. 's Nachts rond vier uur worden mijn hersenen wakker, dan schiet er van alles door mijn hoofd. Als ik op dat tijdstip achter de computer ga zitten, dan knallen de letters op het papier. Natuurlijk doe ik dat niet iedere nacht, maar als het spannend wordt in mijn verhaal, dan kan ik 's morgens het beste opschrijven. Na het schrijven trek ik mijn schoenen aan en loop een aantal kilometers. Meestal loop ik de zon tegemoet of het daglicht. Die geur, die stilte en de mensen wakker zien worden, dat is zo leuk. Vier keer in de week, althans dat probeer ik, loop ik zo'n vijf kilometer en dan heerlijk een kop koffie met de krant en dan aan het werk. Op dit moment heb ik geen werk, dus heb ik alle tijd om te schrijven. Morgen gaan we op reis. Ik heb er zin in. Alhoewel ik een andere schrijver ben als anderen. Ik schrijf op mijn eigen manier en hou niet van poes pas en tierelantijntjes. Met heel veel franje schrijven, daar heb je onderweg heel veel last van. Ik ga liever rechtdoor zee. of met een speetboot erover. 

 

Terwijl ik dit op schrijf denk ik ook aan Kabouter Binky Bim. Hoe zou het daar mee zijn? Ik zal eens even gaan vragen of er al iets meer bekend is over de giraffen, de leeuw, de slak, de muis en alle andere beesten van het bos. Misschien is er wel een klein girafje geboren. Dat zou zomaar eens kunnen dat er na het trouwen van Jozef en giraf Langnek een kleine is geboren. En hoe zal het met Wouter zijn? Zou hij nog ondeugend zijn en de krekel geeft die nog prikken in het dierenland. Misschien geeft hij wel vaccinatie prikken tegen corona. Jullie horen er binnenkort iets meer van. Wel heb ik gehoord van Emma het heksje, dat zij heeft leren vliegen. Dat ging nog niet van harte. Met horten en stoten vliegt ze nu hoog boven in de lucht. Zij wil ook graag haar verhaal vertellen. Trouwens wisten jullie dat zij jaren opgesloten heeft gezeten. Zij weet zelf ook niet waarom. De nachtelijke uren die ze heeft beleefd met de dieren zal ik jullie ook vertellen. Toen Emma ontdekte dat haar kamerdeur niet op slot was, en wist dat haar moeder de stad in was, is zij de wereld gaan ontdekken. 

Om weer terug te komen op de reis, daar hoort u morgen meer over.

Liefs, Alie.